aanmelden
Hofner en het Maccaknietje
Blog 07-02-2017 00:00

 

Höfner

 

Bij het voorwoord ben ik al een tijdje zichtbaar met een Höfner 500/1, oftewel vioolbas, oftewel Beatlebas. Het is lastig om het Engelse 'acquired taste' te vertalen, maar laten we het er op houden dat ik de bas moest leren waarderen.

 

Natuurlijk hebben we allemaal onze bashelden, maar ik denk dat we ook allemaal lokale helden hebben. Toen ik begon met bassen was Maarten Otte een van mijn lokale helden. Naast dat het een topgast is, heeft hij een goeie kop, hij zingt goed, hij speelde fijn en enthousiast en hij was altijd te zien met een vioolbasje met twee dicht bij elkaar geplaatste elementen. In de jaren '90 zag je zelden een vioolbas, dus het bleef bijzonder om hem in actie te zien met het kleine ding. Ik zag hem vaak spelen met zijn progrockband Appendix en met zijn fantastische Beatlescoverband Fab More. 'Neef Maarten,' noemen we hem altijd, want hij is de neef van mijn oude drummer en we deelden een eigen oefenruimte. Maarten heeft inmiddels een WOI-museum in Frankrijk en ik hoorde van ex-Gitarist-vormgever Cyril dat zijn 500/1 na jaren gebruik behoorlijk wat aandacht nodig heeft. Ik hoop dat het goedkomt.

cirq oranje
Foto: Een optreden met Cirque de Juliette, aka mijn ex-vriendin Meryem.

opnames cirq
Foto: Begin 2017 nam ik met deze leenbas op met Cirque de Juliette 

Mijn eerste kennismaking met nieuwe Höfners was bij de baswinkel van Jan Hartman. Hij had een vioolbas en een Club Bass binnengekregen. Toen had je alleen nog maar dure, Duitse modellen en toen Jan de aluminium koffers openmaakte, durfde ik er niet op te spelen: het oogt allemaal fragieler dan het is. Jaren later werd De Bassist opgericht en de eerste bas die ik voor jullie testte was een Höfner 500/1 uit de Aziatische Contemporary Series, oftewel de HCT-serie. Ik weet nog wat ik dacht: 'Dit is een betaalbare vioolbas en als hij nu bevalt, dan koop ik hem!'

En het werd een groot drama. Ik nam hem mee naar onze oefenbunker op het voormalige militaire vliegveld Bergen (NH), mede om hem te vergelijken met de Duitse bas van Neef Maarten. Vaak nam ik nog een eigen bas mee, maar dit keer was het alleen de vioolbas. Het rare smalle ding bleef, mede door de bolle achterkant, naar voren kantelen, de hals staat raar hoog boven de body, mijn vingers konden het korte halsje en de smalle snaarafstand niet aan en ik maakte fout na fout. Mijn drummer vroeg me na afloop dwingend de vioolbas nooit meer mee te nemen. De bas ging retour naar Höfner en mijn liefde was, voorlopig, over.

LLL Tilnburg
Foto: Tijdens de instore-tour van The La La Lies gebruikte ik meestal de HCT Club met de Fender Musicmaster Bass Amp

os zwart zang
Foto: Met de zwart Club met Octave Species

os zwart geen zang
Foto: Later verving ik de zwarte knoppen voor zogenaamde 'teacups' voor vintage looks

Snotneuzen

Zoals jullie in het short scale-blog hebben kunnen lezen, ging ik steeds meer op korte bassen spelen en ik raakte gewend aan smallere en korte halsjes. Een paar jaar terug leek het me daarom tijd om het toch nog eens te proberen. McCartney's baslijnen blijven episch en die sound haal je alleen uit een vioolbas. Een Club leek me echter beter, mede omdat twee van mijn favoriete bassisten, John Stirratt van Wilco en Raconteurs' Little Jack, hier op spelen. Je wordt dan niet meteen met The Beatles vergeleken.

Dat zouden ze wel willen, de snotneuzen. The Beatles waren nooit Serious Talent bij 3FM en ze speelden nooit in Paradiso: ondergetekende wel en is dus automatisch beter.

De iets grotere body zou minder snel kantelen en het is daarnaast ook gewoon een plaatje om te zien. Zwart was niet mijn voorkeur, maar ik kwam een goedkoop HCT-exemplaar in deze kleur tegen en ik kocht hem. Het bleek dat ik inderdaad wat meer gewend was aan de hals en ik speelde er veel op met mijn duo Octave Species. Daarna volgde er eerst een Verythin Bass, oftewel een moderne versie van de Verithin van vroeger. Deze HCT-bas met f-gaten dankt zijn naam aan de zeer dunne body en door de lager ingezette hals, speelt deze bas veel meer als een gemiddelde bas.

amber verythin
Foto: Op het Woodlands Festival in Bergen (NH) met Amber Kamminga

dan b
Foto: Tijdens de presentatie van de HHWLP, met Dan Birch. Met de HCT Verythin


veryt os
Foto: ook bij Octave Species kwam de Verythin vaak uit de tas

 

Maccaknietje

Omdat de twee HCT's goed bevielen, leek het me tijd voor een 'echte' Duitse. Inmiddels ben ik de trotse eigenaar van een Club in paisley, een oranje 500/1 en een V62, dat een exacte kopie is van die van McCartney. Maar dan rechtshandig. Eigenlijk zijn het nog steeds kantelende ondingen, met een te hoog geplaatste hals, raar aanvoellende flatwounds en een muf dozig geluid. Maar ze hebben iets! De looks, de geur, het hele gevoel. Zoals ik al eens in een test zei: De reden dat McCartney zo melodieus speelt, heeft zeker met de Höfner te maken. De korte, droge toon heeft weinig sustain en je moet blijven spelen. Het smalle halsje laat melodieus spel toe en met een vioolbas kun je niets anders dan loopjes spelen. Soms raak je niet verliefd op het mooiste meisje van de klas, maar op dat alternatieve meisje met raar haar, dito kledingkeuze, net te korte benen, maar prachtige ogen en karakter.

lakeside paisley
Foto: Met Octave Species met de Paisley Club

Een Höfner 'hoor' je met een plectrum te bespelen en daar ben ik gewoon niet zo goed in. Mijn voorkeur gaat daarom uit naar de zogenaamde 'Cavern spacing', net zoals op de bas van Neef Maarten en op de eerste, gestolen vioolbas van Paul M. Deze heeft een hals- en middenelement, waarbij de laatste als duimsteun kan fungeren. Door het middenelement heb je net wat meer mid, waardoor je iets meer door de mix komt. Als ik met vingers speel, dan gebruik ik dit middenelement inderdaad als steuntje, beide elementen staan open bij een ballad en alleen het middenelement bij de iets stevigere nummers.

 


Video: Met de V62 tijdens een sessie met Dan Birch


Ik wil afsluiten met wat ik het 'Maccaknietje' ben gaan noemen. De vioolbas van Paul heeft geen positiestippen aan de zijkant van de hals en dat is erg lastig. Mijn Club en V62 zijn 'historisch correct' en missen deze stippen ook. Bovenop de toets maakt me niet uit, maar op de zijkant heb ik ze nodig. Het went echter vrij snel: als je er niet bij nadenkt speel je de juiste noten en als je teveel nadenkt heb je geen idee waar de vijfde fret zit. Als je eenmaal speelt is het geen probleem, maar waar je moet starten is soms even lastig. Met mijn knie til ik de bas vaak even op om te kijken waar ik moet beginnen. Onlangs keek ik opnieuw een dvd van Paul McCartney en zijn band, om me voor te bereiden op mijn interview met diens bassist/gitarist Brian Ray. En wat denk je? Voor bijna elk nummer tilt Paul met zijn knie zijn vioolbas even op. Het Maccaknietje. Misschien wordt 'ie ooit nog eens Serious Talent.
Chris Dekker

">
Video: met de HCT Verythin en Amber Kamminga

 

macca pose
Foto: Geen Maccaknietje, maar de befaamde Maccapose